Leren op de werkplek
Het denken over leren op de werkplek vindt binnen een
academische basisschool vanuit een ander perspectief plaats dan
binnen een basisschool die alleen gewend is te werken met
stagiaires.

Vier typen In de praktijk
onderscheiden we 4 typen scholen met leren op de werkplek:
de
stageschool
de
opleidingsschool
de
lerende basisschool
de
academische basisschool
Stageschool
In de stageschool is het leren van leerkrachten op de werkplek
cursorisch gestuurd. De werkplek is de plaats waar leerkrachten (in
opleiding) oefenen wat zij in cursussen hebben geleerd. De
cursusleiding bemoeit zich niet met de werkplek. De koppeling theorie-praktijk ligt in handen van de cursist.
Daarbij maakt de school afspraken met de pabo of een andere
educatieve partner over:
hoeveelheid cursisten en benodigde oefenplaatsen
beschikbare begeleiders op de werkplek (mentoren)
cursusdata c.q. stagebezoekrooster vanuit de opleiding.
Voor de initiële opleiding levert de pabo het stageplan met
stageopdrachten. Mentoren kunnen zich informeren over de opzet
van de stage. Voor de nascholing biedt de pabo of een andere partner
de nascholingsgids aan.
Opleidingsschool
In de opleidingsschool beslissen scholen mee over de inhoudelijke en
organisatorische opzet van professionaliseringstrajecten. Zij willen mede-opleider zijn. Daarbij maakt de school afspraken met de
educatieve partner over:
hoeveelheid leer-werkplekken en hoeveelheid cursisten,
de inzet van mentoren als basisschoolcoach,
de contactpersonen en begeleiders vanuit de opleiding,
te verwerven competenties
de visie, werkwijze en onderlinge taakverdeling in begeleiding en
beoordeling,
de afstemming tussen de organisatie en coördinatie binnen de
school en de opleiding.
Om de rol van mede-opleider goed te kunnen vervullen dienen er
eenduidige afspraken gemaakt te worden met de opleiding. Naast
afspraken maken is training van werkplekcoaches/opleiders in de
school gewenst om de rol als mede-opleider te kunnen vervullen.
De lerende
basisschool als moderne arbeidsorganisatie
Sommige scholen vatten leren op de werkplek op als een vanzelfsprekend onderdeel van hun integraal
personeelsbeleid. Naast goede werving, selectie en
mobiliteitsplannen maakt het opleiden van nieuw en van werkend
personeel hier deel vanuit. Op die manier kun je als school
anticiperen op kwalitatieve en kwantitatieve personeelsbehoefte.
De lerende basisschool is een moderne arbeidsorganisatie waarbinnen
professionaliseringstrajecten geen geïsoleerde bezigheden zijn. Een
schoolteam weet welke beroepstaken essentieel zijn en welke
competenties dit vraagt. Zij weet ook welke competenties zij al in
huis heeft, welke zij via mobiliteit kan verwerven en voor welke
opleidingstrajecten noodzakelijk zijn.
Vervolgens kan de school op zoek gaan naar initiële en post-initiële
kandidaten (bijvoorbeeld zij-instromers) en een educatieve partner (o.a.
opleiding, onderwijsadviesbureau, universiteit), die hiervoor
trajecten op maat kan ontwikkelen en uitvoeren.
Academische basisschool
Wanneer scholen in de frontlinie van onderwijsinnovatie werken is
leren op de werkplek van bestaand en nieuw personeel continu
pionieren. Immers, het ligt dan nog niet duidelijk vast welke
leerarrangementen en daarbij passende rollen van leerkrachten werken
en welke niet. Schoolteams durven te ondernemen, ontwerpen en
innoveren. Zij implementeren nieuwe praktijken. Op basis van
(actie)onderzoek verzamelen zij informatie die zij weer direct
kunnen gebruiken bij hun vernieuwingen. Ook geven
onderzoeksresultaten informatie over relevante bekwaamheden die in
de opleiding verworven moeten worden.
De samenwerking tussen teamleden, opleiders, interne/externe
ondersteuners en onderzoekers is hierbij cruciaal.
Ervaringen
werkplekleren
|
|
|
Schooltypen |
stageschool
opleidingsschool
lerende basisschool
academische basisschool
|
|