Het taartmodel voor een Kansrijke Taalomgeving

Sandra en Sjoerd, twee derde jaars Acbas-studenten op de Ariënsschool, hebben vorige maand hun onderzoeksresultaten gepresenteerd aan al hun collega’s. In een eerder stadium hadden ze al een presentatie gegeven aan de onderbouwcollega’s. Het onderzoek is namelijk vooral gericht op de onderbouw. Tijdens deze presentatie kregen zij tips van de collega’s. Die ze weer hebben meegenomen in het vervolg van hun onderzoek. En nu waren alle leerkrachten aan de beurt.
Sandra en Sjoerd hebben onderzoek gedaan naar wat nu eigenlijk een kansrijke taalomgeving voor kinderen is. Alle aspecten daarvoor hebben zij middels literatuuronderzoek en interviews met leerkrachten onderzocht en beschreven. Zo ontdekten ze in de literatuur het 6 taartpuntenmodel. Door het 6 taartpuntenmodel te gebruiken kan de taalomgeving in kaart gebracht worden. Elke taartpunt vertegenwoordigt een belangrijk aspect en zo kan elke willekeurige leerkracht in elke willekeurige klas nagaan of het taalaanbod in zijn/haar klas ook echt kansrijk is. Elke taartpunt heeft een eigen kleur. De gele taartpunt staat voor: Verbeelden en fantaseren met taal, de groene taartpunt voor: Informatie verwerven over onderwerpen die boeien, de oranje taartpunt voor: Grafisch vormgeven van taal, de rode taartpunt voor: Communiceren met taal, de lila taartpunt voor: Omgaan met de regels van taal en de blauwe taartpunt staat voor: Omgaan met de klank en het veelzeggende van taal. En bij elke kleur, bij elk aspect horen ook weer een omschrijving en indicatoren.

 

Heel bewust hebben Sandra en Sjoerd gekozen om in het derde jaar van hun opleiding Acbas-student te worden. Het eerste en tweede jaar hebben zij in één jaar afgerond, omdat zij beiden als vooropleiding MBO SPW hebben. Niet alleen kozen ze voor Acbas maar ook voor de taalachterstanden school en voor Utrecht. Drie dagen per week zijn ze op de Ariënsschool te vinden. Ze werken dan aan het behalen van de gewenste competenties. Het doen van onderzoek omvat ongeveer ½ dag per week. Daarnaast zijn ze in de klas aanwezig of voeren opdrachten uit. Steeds gebeurt dit in overleg met hun mentor. Sandra loopt stage in groep 1 en Sjoerd in groep 2. Beiden ervaren ze dit als een zeer intensief en leerzaam jaar.

 

Voor hun onderzoek hebben ze alle stappen doorlopen, zoals dat binnen de opleiding hen is aangereikt: onderzoeksvraag formuleren, theorie-verkenning, dataverzamelen: oberservaties, interviews en deskresearch op de school, analyseren van de verkregen gegevens, samenvatten en presenteren: mondeling en in een rapport. Hun onderzoek heeft geleid tot een bruikbaar product.
De leerkrachten die tijdens de presentatie van de studenten aan de slag moesten met het observeren en in kaart brengen van hun eigen klaslokaal met behulp van de 6 taartpunten, kwamen er achter waar qua taalaanbod al veel aan gedaan werd (dus wat al goed zat) maar ook wat zeker nog verder uitgewerkt kan worden.

 

Alice de Jong is als directeur van de Ariënsschool ook tevreden over het onderzoek van Sandra en Sjoerd. “Door hun onderzoek weten we nu waar een kansrijke taalomgeving voor onze kinderen uit moet bestaan. We hebben nu een hulpmiddel om onze eigen klassen in kaart te brengen. Daarmee kunnen we aan de slag. Want we willen natuurlijk voor onze kinderen een goede taalomgeving aanbieden, zodat ze zich maximaal kunnen ontwikkelen.” Volgend jaar zal de onderbouw ook fysiek bij de Ariënsschool aanwezig zijn, nu zitten ze nog in een dependance. Alice ziet hierdoor goede kansen om bij de inrichting van de nieuwe lokalen de 6 taartpunten te gebruiken. “En misschien laten we de kleuren ook nog wel terug komen.”

 

Sandra en Sjoerd leggen nu de laatste loodjes aan hun onderzoeksverslag voor het derde jaar. Samen met Alice zien ze al weer volop mogelijkheden voor nieuwe verdiepende onderzoeken in hun vierde jaar van de opleiding. Maar alles op z’n tijd: nu eerst de zomervakantie!

 

Ariënsschool Utrecht, juni 2008



© 2008 Academische basisschool Amersfoort Utrecht