Pannenkoekenrestaurant “Lekker”, een start die smaakt naar meer…
Betekenisvol lees-schrijfonderwijs in groep 3
Een pannenkoekenrestaurant, dat leek de kinderen een geweldig
idee!
De kinderen namen allerlei spullen mee van huis om te gebruiken bij
het restaurant.
Op een ochtend ben ik met een groepje van 9 kinderen het restaurant
gaan inrichten. Eerst maar eens orde op zaken stellen, want wat
hadden we veel spullen! De kinderen gingen spullen die bij elkaar
horen bij elkaar zetten. Al snel ontstonden er 3 tafels vol met
keukengerei, servies/bestek en ingrediënten. De kinderen hielpen
elkaar en corrigeerden elkaar als ze dat nodig vonden, waarbij
allerlei woorden gebruikt werden op verschillende niveaus. “Dit
roerding” werd al snel “de mixer” en even later “de garde”. Toen
alles gesorteerd was, vroeg ik hen waarom ze de spullen zo neer
hadden gezet. Hier hadden ze prima verklaringen voor. We bedachten
namen voor de groepen: servies, bestek, pannen, ingrediënten (!), en
“spullen voor op tafel” (kleden, placemats, servetten). De kinderen
wilden alles graag netjes in de kasten zetten. Er ontstonden
discussies: “die pan moet niet zo hoog, want die is heel zwaar, die
krijg je niet zo makkelijk van de kast af”, allerlei rekenkundige
begrippen passeerden spontaan de revue, het was echt passen en
meten, want het kon er allemaal maar net in! Ik vroeg ‘bezorgd’ aan
de kinderen of het wel altijd weer zo netjes opgeruimd kon worden.
Als kinderen er in hadden gespeeld, hoe wisten ze dan waar alles
moest liggen. Een kind bedacht dat we misschien bordjes op moesten
hangen, wat waar moest liggen/staan. Goed idee! We schreven de
lidwoorden ervoor waar het kon. De bordjes werden mooi uitgetypt op
de computer, waarbij de spellingcategorie van de les van die ochtend
vaak terug kwam!). Ze waren druk met lezen en schrijven en vooral
heel gemotiveerd. Ook, of vooral juist, de kinderen die met de
‘standaard-oefeningen” en lesjes snel de moed opgeven en moeilijk te
stimuleren zijn.
’s Middags mocht een nieuw groepje kinderen in de restauranthoek
en ik vertelde wat er die ochtend gedaan was. Ze concludeerden dat
het er nu keurig uitzag, en dat het keurig zou blijven als iedereen
de spullen op zou ruimen op de daarvoor bestemde plek. Ik vroeg of
nu de gasten konden komen? Nee, er moest nog veel gebeuren! De
activiteiten hebben we op een ‘to-do lijstje” geschreven. Wat gingen
we vervolgens aanpakken? De tafels dekken, daar hadden twee meiden
wel veel zin in. Vol ijver werd alles gezellig neergezet. Een ander
stel ontfermde zich over de naam. Na een kwartiertje kwamen ze bij
me met het voorstel “pannenkoekenrestaurant Lekker”. Een mooi
naambord werd gemaakt. De meisjes straalden helemaal!
De volgende dag ging een nieuw groepje kinderen aan de slag met
het maken van een menukaart. Ieder bedacht een pannenkoek die hem of
haar lekker leek, en een passende naam erbij. Er werd gediscussieerd
over de prijzen en er werd volop vergeleken en gelezen bij en met
elkaar. “s Middags werd de menukaart afgemaakt. Maar, 1 menukaart is
niet genoeg…. We moesten er dus nog meer maken, en die moesten wel
precies hetzelfde zijn! Een lastig klusje, alles op dezelfde
volgorde opplakken! Er werd weer volop gelezen, en ook de kinderen
die meestal moeilijk te motiveren zijn tot lezen, deden nu heel
actief mee. Mooi om te zien hoeveel lol ze hebben, terwijl ze niet
bewust, maar wel heel betekenisvol met lezen bezig zijn en oefenen.
Daarna moest er nog een bord komen met openingstijden.
Zomaar twee dagen, zou ik willen schrijven, maar het zijn er niet
‘zomaar twee’! Twee dagen, waarin de kinderen heel betrokken bezig
waren, met betekenisvolle, ‘echte’ situaties. Waarin ik als
leerkracht vooral luisterde en keek, af en toe opmerkingen maakte en
zo weer nieuwe activiteiten uitlokte. Voor mijzelf ook een
leerproces, vol verrassingen. Ik heb genoten van het enthousiasme
van de kinderen en van wat er allemaal gebeurde. Ik heb nu al zin in
volgende week, want deze start, die smaakt naar meer!
Yvette ten Barge, april 2007, Tafelronde Amersfoort
|
|
|