De Kinderhof en de opleidingsschool: het past!Als
opleidingscoördinator van de KPOA bracht ik een bezoek aan De
Kinderhof, opleidingsschool sinds september 2009. Enkele
collega’s van deze school had ik al leren kennen tijdens de
studiereis naar de PDS-conferentie in Florida , waaraan zij deelnamen
om te onderzoeken wat het project ‘Academische Basisschool’ inhoudt, en
om te beoordelen of het past bij de ambities van de Kinderhof. Dat
bleek het geval: sinds september 2009 is op opleidingsschool De
Kinderhof een grote groep studenten aan het werk, is er een interne
coach aangesteld, en is er gestart met het uitvoeren van
praktijkonderzoek. Eén leerkracht heeft deelgenomen aan de training
onderzoeksvaardigheden, om zo de studenten beter te kunnen begeleiden
en zelf onderzoek uit te kunnen voeren. Tijdens mijn bezoek word
ik geraakt door het enthousiasme van de mensen met wie ik praat. In
alle verhalen hoor ik het belang van een goede relatie opbouwen met
elkaar en elkaar als gelijkwaardig zien. Dit uit zich onder andere in
het regelen van naambordjes voor de studenten (net als voor de overige
teamleden), een uitnodiging voor het teamuitje, en ook voor de
studenten is er een kerstpakket. Het lijken kleine dingen, maar ze zijn
van wezenlijk belang. Het geeft blijk van waardering, en van het
feit dat ze serieus genomen worden en meetellen. Dat dit invloed heeft
op hoe studenten zich voelen op De Kinderhof, en hoe ze zich vervolgens
opstellen, zal duidelijk zijn. De twee studenten die ik spreek tijdens
mijn bezoek, Joep en Eline, vertellen me hierover. Ze vinden het erg
fijn dat er interesse wordt getoond voor hen als persoon en collega, en
dat hun inbreng gewaardeerd wordt. Als ik vraag naar wat voor hen de
meerwaarde is van een opleidingsschool, vertellen ze dat ze op deze
manier een beter totaalbeeld krijgen van het onderwijs. Er wordt
wél wat van studenten verwacht en gevraagd, vertellen zowel interne
coach Fred als de studenten me. Dat is soms best zwaar, naast wat je
aan verslaglegging moet doen voor de opleiding en de lessen die je moet
volgen. Het levert echter veel op. Het bijwonen en (onder begeleiding)
voeren van oudergesprekken, en bijv. het deelnemen aan
teamvergaderingen is voor hen een verdieping van de competenties
‘samenwerken binnen een team’ en ‘samenwerken met ouders’. Martijn
van Elteren, directeur van de Kinderhof, vertelt dat de schoolagenda
vráágt om onderzoek. In feite waren ze hier al mee bezig voordat ze
opleidingsschool werden. De onderzoekende houding was er al, er is al
sprake van een gezamenlijke verantwoordelijkheid in de breedste zin van
het woord. Ook voor de studenten, die bij alle collega’s terecht kunnen
en behulpzaamheid ervaren binnen het team. “Wat voegen de studenten toe, wat levert het jullie op tot nu toe?”, kan ik niet nalaten te vragen. De
antwoorden rollen er snel uit: “studenten geven inspiratie, stimuleren
ons, brengen nieuwe dingen en een andere manier van denken in.” Verder
vertelt Fred dat ook zichtbaar wordt dat de rollen veranderen: de
mentor is niet meer de docent, maar is een gelijkwaardige
gesprekspartner voor de leraar in opleiding. Mentor Naomi noemt het
(meer) delen van kennis als waardevol. Martijn vult nog aan dat de
aanwezigheid van en het samenwerken met studenten ruimte biedt, bijv.
bij het geven van instructie. “Dit komt rechtstreeks ten goede aan de
kinderen. Verder stimuleren en helpen studenten, die op digitaal gebied
zeer ontwikkeld zijn, collega’s die daarin nog niet zo ver zijn. Ook
het reflecteren krijgt een impuls; studenten ‘moeten’ dat en zijn daar
vaardig in. Daar kunnen wij van leren, en dit stimuleert ons.” Al
deze dingen zijn natuurlijk niet opeens veranderd vanaf het moment dat
De Kinderhof opleidingsschool is geworden. Eigenlijk waren ze dit pad
al ingeslagen voordat het besluit genomen werd. Dan kun je toch alleen
maar stellen dat het “past”: de Kinderhof als opleidingsschool!
Yvette ten Barge Januari 2010
|
|
|